Mon(t) Ventoux

10 oktober 2010

Bart Brentjens Challenge 2010

Dat is altijd het nadeel van fietsen in Zuid Limburg of België: je moet er eerst naartoe rijden en dat betekent dat je monsterlijk vroeg je nest uit moet! Wel grappig om te zien hoe om 8 uur 's ochtends bij een tankstation langs de A2 net onder Eindhoven het grootste deel van de populatie bestaat uit auto's met fietsen erop/erin en mannen in lycra.

In Eijsden aangekomen schrijven we ons in en stellen ons op in het startvak voor de toertocht van 100km. Het is druk en om files op de eerste beklimmingen te voorkomen, heeft de organisatie een systeem uitgedacht: Nadat de wedstrijdrijders om 10:00 uur als eerste mogen vertrekken, worden wij daarna groepsgewijs losgelaten. Onze groep kan om 10:30 aan de tocht beginnen.



We kronkelen een klein stukje door het Zuid Limburgse landschap, maar Nederland is hier niet zo heel breed. Al snel duiken we dus de Belgische grens over de Voerstreek in. Het grootste deel van de route gaat over een mix van singletracks en boeren landweggetjes en er is geen meter vlak! Het gaat hier ofwel steil omhoog ofwel steil naar beneden.

Op één afdaling onstaat een opstopping, omdat er een aantal mensen is dat hier niet fietsend naar beneden durft. Gelukkig zijn wij net pas terug van de Ventoux en dus wel wat gewend als het op steile afdalingen over losse stenen aankomt. We slingeren en kronkelen over de taalgrens tussen Vlaanderen en Walonië dwars de voerstreek door. Tussen Remmersdaal en De Planck rijden we een stuk over asfalt; precies deze weg hebben we ook gereden toen we op de racefiets vanuit Luxemburg terug gereden zijn naar Maastricht.

Al snel duiken we het bos weer in en komen uit in Teuven. Ook dit stukje asfalt dwars door het dorp komt bekend voor; waarschijnlijk van een Amstel Gold Race of Limburgs Mooiste ofzo... Na Teuven beginnen we aan de klim richting Bovenste Bosch, maar in plaats van de weg te volgen, worden we hier een schitterende singletrack opgejaagd het bos in. Helaas is het hier zo druk, dat het stappen geblazen is. Hier komen we ZEKER nog een keer terug om dit "klimmetje" op de fiets te lijf te gaan!!



Boven aangekomen kunnen we wel weer op de fiets stappen en al vrij snel daarna passeren we eerst de eerste video-post en komen daarna aan bij de eerste verzorgingspost. We hebben er dan bijna 40km op zitten. Even de geslonken voorraad eten en drinken aanvullen en dan weer vlot verder. Door het bos rossen we over een fantastisch stuk singletrack naar beneden richting Nederlandse grens.



Vlak voorbij Gulpen draaien we de weg af een weiland in. Bovenaan de afdaling staan diverse mensen te waarschuwen: niet alleen dat het een gevaarlijk steile afdaling is, maar ook dat er beneden een valpartij heeft plaatsgevonden en dat de gewonde fietser daar nog ligt. Voorzichtig dalen we dus af. De gewonde man ligt onder een isolatiedeken en het ziet er akelig uit.

Aangezien er meerdere mensen, waaronder een EHBO-er bij hem zitten, hebben wij er niets meer aan bij te dragen en fietsen dus door. Boven aan de eveneens steile klim staan we nog even te wachten en zien de ambulance arriveren. later zullen we horen/lezen dat het om de vader van Robert Gesink ging. Hij is uiteindelijk met de traumahelikopter afgevoerd naar het ziekenhuis.

Met een lichte schrik in de benen vervolgen we onze weg. Heel veel tijd hebben we echter niet om erbij stil te blijven staan, want het parcours is technisch van dien aard dat het alle aandacht vergt. Op Nederlandse bodem is het namelijk niet veel minder zwaar en uitdagend dan vanochtend in de Voerstreek. Het toppunt is het laatste stukje van de klim naar de top van de Keutenberg: het hellingspercentage op de laatste 100m loopt op naar 30%! Krakend en steunend lukt het me maar net om fietsend boven te komen!



Om 15:00 uur staan we na 67km bij de 2e verzorgingspost. Ik rij al 40km met pijn in mijn linker knie en besluit om vanaf de verzorgingspost een klein stukje terug te rijden en over de weg naar het gehucht Gasthuis te gaan. Gert Jan rijdt wel netjes volgens de route; een goed half uur later treffen we elkaar weer en vervolgen samen onze weg. Ik heb 9km gemist, maar mijn knie is me er dankbaar voor.

Vanaf hier is het nog 20km totaan de finish en die gaan in een roes! Er moet hier en daar nog wel wat geklommen worden, maar de afdalingen lopen heel geleidelijk en gaan in een heerlijke flow. Op een boeren grindweg staat de tweede videopost en op de film is te zien dat de stofwolken achter ons opstuiven. Niet verwonderlijk, want de snelheid loopt hier op tot 45km/u! Om 17:00 rollen we over de finish.



Bijna alle andere keren dat ik met Gert Jan in Zuid Limburg of België ben wezen fietsen, hebben we beestachtig slecht weer getroffen, maar dat is met deze fantastische dag allemaal vergeven en vergeten! De hele dag zon en rond de 20°C! En dat voor half oktober. Echt helemaal geweldig.

Ook de organisatie was geweldig. Voldoende te eten en drinken op alle verzorgingsposten, perfect uitgepijld, oranje hesjes (m/v) om het verkeer te regelen op de gevaarlijke punten en om te waarschuwen bij gevaarlijke stukken van de route en last but not least: tijdwaarneming en persoonlijke foto's/video's met behulp van een bike chip.

Eigen conditie:conditioneel geweldig, knie iets minder
Weer:zonnig, droog, 20°C, windONO3
Resultaten:97,7km / 5:12:23u / 4628kCal
Meer foto's:picasa
Video:youtube
Onze route:hele route (zonder mijn "abkürzung")

17 september 2010

Route Lucien Valkenborgh

Na ons Forestier-avontuur van gisteren smaakt het mountainbiken op de flanken van de Mont Ventoux naar MEER!!!

Vandaag rijden we dus met de auto naar Sault om vanuit daar de "Route Lucien Valkenborgh" te gaan rijden. Lucien zelf categoriseert deze route als een "pittige MTB-tocht Sault - top Mont Ventoux over de oostelijke flank van de berg". De bedoeling was om met zi’n drieën te rijden, maar een vervelende knieblessure verhindert Matthijn van deelname. Gert Jan en ik trekken er vandaag dus met z’n tweeën opuit.

Deze route is (nog?) niet door het NederBelgisch Genootschap de Kale Berg erkend en ook nog niet beschikbaar als GPS track. In plaats daarvan hebben we een uitgeprinte versie van de PDF bij ons gestoken die we hebben gedownload vanaf www.beleefdemontventoux.nl en natuurlijk nemen we ook de IGN kaarten 3140 en 3240 mee.

We beginnen zoals aangegeven vanaf de parkeerplaats Les Aires in Sault. Het klimmetje naar de begraafplaats is even steil, maar daarna bollen over het asfalt vrij makkelijk het dorp uit. De benen voelen na de inspanningen van gisteren nog een beetje stram, maar dat gaat vrij snel over. Na een paar kilometer gaat het asfalt over in een breed pad door het bos en vlak boven Aurel komen we het bos uit weer op het asfalt terecht.

De aanwijzing luidt: "Opgelet! Hier moet je links afslaan in de laatste bocht en de kleine single-track volgen die je naar het centrum van Aurel leidt", maar wij zijn hier nog nooit eerder geweest en weten dus niet wat nou precies "de laatste bocht" is...

Geen man over boord. Wij missen weliswaar de beschreven singletrack, maar komen toch midden in Aurel uit en stuiven, weer netjes volgens de beschrijving, langs Café Jouve de afdaling in.


Beneden op het laagste punt aangekomen, bereiken we de bronnen en hier houdt inderdaad het asfalt (nogal abrupt) op. Er slingert iets wat vaag op een pad lijkt links de bosjes in en we twijfelen of we wel goed zitten. Nog iets verder wordt het echt volledig onbegaanbaar.

Als je heel goed kijkt, kun je, met een hoop fantasie zien dat hier misschien ooit een pad gelopen heeft, maar door overvloedige regenval is dat volledig weggespoeld. Wel hangen hier en daar vrolijk bordjes met de welbekende MTBpijl, maar van fietsen kan hier echt geen sprake zijn.


Als het pad weer pad wordt, is het hier inderdaad fijn slalommen tussen de bomen door en op op het hoger gelegen uitkijkpunt heb je, zoals Lucien beschrijft, een prachtig uitzicht op het dorp Aurel.


Lucien beschrijft vervolgens: "Het pad gaat nu pal doorheen de lavendelvelden." Wij kunnen ons niet voorstellen dat meneer De Boer dat op prijs stelt. Op de grond zien we lege patroonhulzen liggen, dus we zijn wat terughoudend met betrekking tot het "dwars door de lavendelvelden"-gedeelte  en bovendien loopt er een paadje langs het lavendelveld.

Dat paadje loopt echter helemaal dood in een ondoordringbaar dennebosje. Geschaafd en geschramd komen we het bosje uit, weer terug op het uitzichtpunt  en dalen vanaf daar alsnog dwars door het lavendelveld af.
Wij hebben onze les geleerd: als Lucien zegt "pal doorheen de lavendelvelden" dan bedoelt hij ook "pal doorheen de lavendelvelden"!

Hierna komen we, netjes volgens het boekje, uit op de geasfalteerde weg en zien tot onze geruststelling de wegwijzers St. Pierre en Le Ventouret. Over het asfalt gaat het hier stevig omhoog (oplopend tot 13%). Daar waar het asfalt ophoudt, gaat het pad verder over grote rotsblokken en losliggende keien. Het hellingspercentage loopt hier vrolijk verder op tot 18%.

In een bocht naar links stoppen we even om op adem te komen. Daar komen we tot twee conclusies:
  1. Volgens Lucien "gaat de weg haaks om naar links; vanaf dit punt wordt het pad redelijk steil en ruw."
    En wij maar denken dat 18% al steil was...
  2. Gert Jan is (waarschijnlijk in het doodlopende dennebosje) zijn regenjas verloren, dus we krijgen uitgebreid de gelegenheid om het zojuist afgelegde gedeelte van de route op ons gemak nogmaals te evalueren...
Maar eerst door de losliggende rot(s)zooi met 18% terug naar beneden, pal doorheen de lavendelvelden weer omhoog en (Gert Jan alleen) terug het ondoordringbare dennebosje in. Al snel hoor ik een triomfantelijke kreet opstijgen en even later komt ook Gert Jan, met regenjasje, weer tevoorschijn.

Snel weer afgedaald en, beter gedoseerd dit keer, terug omhoog. Na de bocht naar links moeten we Lucien toch gelijk geven: het wordt hier inderdaad nog ruiger en het hellingspercentage gaat vlot tot boven de 20%. Het lukt ons om te blijven fietsen en even verderop vlakt het gelukkig een beetje af. Ik had nooit gedacht dat ik dit zou zeggen, maar 10% voelt als een weldaad aan de benen.

Bovenop zien we een grote kale vlakte met in het midden één zielig boompje met daaraan bevestigd een gele MTBpijl; precies volgens beschrijving. Het pad gaat hier min of meer rechtdoor en komt weer op een lavendelveld uit. Wijzer geworden van onze eerdere ervaringen rijden we gewoon rechtdoor omhoog. Ook hier is het ruim 15% en dus zwoegen geblazen.

Hierna volgt een korte afdaling naar Le Ventouret. Alle MTB skills moeten hier worden aangewend, want het gaat hier over erg ruw terrein met zo’n 20% omlaag. Hangend achter het zadel en met warmlopende remschijven dalen we heel voorzichtig af. Wij zijn duidelijk geen down-hillers!


Bij Le Ventouret hebben wij geen 10, maar ruim 15 kilometer op de teller staan, maar dat is te wijten aan ons regenjasjes-debacle.

Het eerste stuk na Le Ventouret is voor ons te ruig en te steil om te fietsen, maar al na een kleine 200m lopen, kunnen we al weer in het zadel. We vervolgen onze weg door het weiland (zonder bijenkorven rond deze tijd van het jaar) en over het stukje "Sauf ayants droits" tot aan de asfaltweg. Heel rustig en gelijdelijk fietsen we over deze asfaltweg een paar kilometer verder. Even recupereren.

Op de splitsing kiezen wij voor de bosweg naar Baraque d’Aurel. Bij de wegwijzer bij Baraque d’Aurel gaat het helemaal mis. In mijn hoofd heb ik dat we hier een haarspeldbocht naar rechts moeten maken en in plaats van even op de routebeschrijving of kaart te kijken, draaien we scherp rechtsaf.

Het eerste deel deel van dit pad klimt stevig (10%), maar een kilometer verderop vlakt het af en bollen we makkelijk verder totdat we opeens het bos uitkomen en midden op een "alpenweide" staan. Het pad loopt hier dood en we weten even niet meer waar we heen moeten....

We vleien onze fietsen neer en onszelf erbij. Genietend van het zonnetje en het fantastische uitzicht besluiten we dan toch maar de beschrijving erop na te slaan. Beter laat dan nooit...


Bij de eerste blik op de beschrijving is direct duidelijk waar het misgegaan is. Wij hebben echter geen moment spijt van onze vergissing, want deze alpenweide hadden we voor geen goud willen missen!
Terug langs de wegwijzer bij Baraque d’Aurel is de juiste weg ook vlot gevonden. Na een kort klimmetje vanaf Baraque d’Aurel komen we uit op de beschreven asfaltweg.

Lucien beschrijft het nu volgende gedeelte als "rechts omhoog naar Pas de la Frache, een mooie rustige klim (verkeersvrij) over het asfalt met mooie uitzichten." Ik weet niet wat hij onder mooi en rustig klimmen verstaat,  maar wij zwoegen en zweten hier omhoog met stukken van tegen de 15%!! Het enige uitzicht dat ik hier heb, is dat op mijn eigen voorwiel. Ik verdenk Lucien er stiekum van dat hij die boer is die, voor de lol, dwars door zijn weiland de Paterberg heeft aangelegd....

Even verderop vlakt het wat af en kunnen we toch nog wat om ons heen kijken. We fietsen door tot bovenop de top van de Pas de la Frache, maar het uitzicht richting top wordt vandaag helaas ernstig belemmerd door de mist. Een klein stukje terug, net onder de top, stond de beschreven wegwijzer richting Mont Ventoux, dus volgen we dat pad.

Het eerste stuk van dit pad is inderdaad een gemakkelijke bosweg, maar net voor Le Signal, ter hoogte van de boomgrens, gaat dit over in ruwe stenen. Over de te volgen route bestaat hier geen enkele twijfel meer. Het pad is duidelijk te volgen.


Over de keien worstelen we ons door het welbekende maandlandschap. Als je over de weg naar de top fietst, kun je je niet voorstellen dat hier te fietsen valt en eigenlijk kun je dat, als je hier midden in het maanlandschap rijdt, op veel plekken nog steeds niet.

Gaandeweg merken we dat als de ondergrond niet te ruw is, we stukken tot 25% fietsend kunnen bedwingen, maar als de losliggende rot(s)zooi te erg wordt, of de helling nog steiler (ja, op sommige stukken loopt het echt op tot boven de 30%!) is het push-biken geblazen. Luctor et emergo? Vergeet het maar!! Luctor et luctor is hier het devies.

Op het laatste stuk richting de Col des Tempêtes rijden / stappen we tussen de rode- en blauwe palen door die hier de skipiste markeren. Dit is precies zoals ik het me thuis, voordat we aan dit avontuur begonnen, voorgesteld had; hier had ik van gedroomd!


Het heroïsche gevecht dat de zon levert met de mist die vanuit het dal over de kam van de berg slaat, is illustratief voor onze eigen worstelpartij met de Mont Ventoux. Ik kan de rillingen over mijn rug niet bedwingen. Wat een onvergetelijke ervaring is dit!!


En dat het hier niet vanzelf gaat, valt van het gezicht ook duidelijk af te lezen. Het laatste stukje door de keien, bovenop de Col des Tempêtes, is vrijwel vlak en zo sluiten we weer aan op de welbekende D974. Vanaf Col des Tempêtes rijden we het laatste stuk over het asfalt naar de top. Precies genoeg asfalt om de  aanmoedigen voor de Dijkridders te kunnen bewonderen, die Aart na zijn succesvolle Galerièn op de weg gekalkt had.


Op de top van de Mont Ventoux genieten we in het zonnetje van een welverdiende Snickers-met-Cola. De afdaling doen we over de weg naar Malaucène. In het eerste stuk onder Chalet Liotard scherp ik mijn persoonlijk snelheidsrecord nog even aan tot 82km/u en op een roes van adrenaline en endorfine fietsen we terug naar huis.

Conclusies:
  • Lucien heeft bijzonder goed zijn best gedaan bij het beschrijven van deze route. Vrijwel overal is de route 100% juist beschreven en goed te volgen; op slechts twee punten kan het (m.i.) duidelijker:
    1. Net boven Aurel is het niet duidelijk wat nou "de laatste bocht" is.
    2. In de beschrijving staat dat je door moet rijden naar de top van de Pas de la Frache en "van daaruit volg je de wegwijzer Mont Ventoux", maar de wegwijzer staat 200m onder de top. Daar ben je dus al voorbijgefietst als je op de top staat.
  • Als de conditie het toelaat, sla dan vooral onze "misser" niet over. Het is twee kilometer extra, maar even van de zon en het uitzicht genieten op het alpenweitje kan ik iedereen van harte aanbevelen! 
  • Deze route is aanmerkelijk zwaarder dan elk van de drie "grandonneur"-routes. Technisch véél uitdagender en ook conditioneel een grotere aanslag op lijf en leden.
  • Snickers-met-Cola is een über-combi!
Eigen conditie: beter dan verwacht, na de Forestier van gisteren
Weer: zonnig, 26°C, wind: nauwelijks
Resultaten: 68,8km / 4:41:11u / 3446kCal
Meer foto's: picasa
Onze route:incl. onze navigatiefouten :) de "geschoonde" GPStrack binnenkort via www.kaleberg.nl

16 september 2010

Forestier du Mont Ventoux

In het holst van de nacht gaan door het hele huis de wekkers af. Vandaag is de GROTE dag. Matthijn gaat vandaag de Kale Berg met de racefiets te lijf in een poging Cinglé te worden en Gert Jan en ik gaan ons op de bospaden storten in een poging Forestier du Mont Ventoux te worden.

We hanteren een ijzeren regime: om 6 uur (als het nog pikdonker is buiten) opstaan. Vervolgens een enorme berg ontbijt naar binnen werken en om half acht, in het eerste ochtendlicht vertrekken we vanuit Puyméras. De eerste 15km naar Malaucène gebruiken we om de spieren op te warmen. Bij de boulangerie verorberen we nog een "second breakfast" en halen we de obligatoire stempeltjes:


Om 9:40u scheiden hier onze wegen: Matthijn draait om de fietsenmaker heen de D974 op en verdwijnt daar uit het zicht. Gert Jan en ik wenden de steven van onze MTB naar het begin van de D153, plaatselijk beter bekend als de Avenue du Maquis en beginnen aan de Route Thérèse Roumanille. Het eerste stuk gaat over asfalt het dorp uit en bolt makkelijk, het daalt wat en het stijgt wat, maar nergens steil of zwaar.

Net voorbij de Chapelle St-Roch (punt C), in een bocht naar links gaat de asfaltweg over in een grindpad. Als wij dat grindpad willen vervolgen, worden we door een vriendelijk lachende boer gecorrigeerd. We moeten een smal paadje achter zijn land langs volgen, vindt hij.

Over een rotsige singletrack proberen we onze weg te vervolgen, maar dat ontaardt al snel in "push-biken". Opeens twijfelen we: stond dat boertje nou vriendelijk te glimlachen of was dat een licht sadistische grijns die daar om zijn mondhoeken speelde?

Hoe het ook zij, de GPStrack die we hebben gedownload vanaf www.dekaleberg.nl zegt dat we nog steeds op het goede spoor zitten, dus daar vertrouwen we dan maar op. Het "pad" slingert verder naar boven; op sommige stukken kunnen we fietsen, zoals in het filmpje ook te zien is, maar op andere plaatsen zijn de rotsblokken zo groot of de helling zo steil, dat zelfs lopen mijn hartslag richting het omslagpunt jaagt.


Op één punt staan we, ondanks electronische ondersteuning in de vorm van GPS, echt te twijfelen over de te volgen weg. Rechtdoor loopt een duidelijk pad en linksaf gaat een geitenpad over grote brokken steen vrijwel recht omhoog. We proberen eerst een stukje het pad rechtdoor te volgen, maar worden na een paar honderd meter onherroepelijk teruggefloten door de GPS: we moeten toch echt over die rot(s)zooi omhoog.

Boven aangekomen gaat er een iets duidelijker pad rechtsaf (punt E) en na verloop van tijd komen we op een dualtrack. In Duitsland zouden ze hier "schotterweg" tegen zeggen: een breed pad voorzien van grind en "niet al te grote stenen"; met regelmatig een strookje gras in het midden.

Dat het pad redelijk te volgen en beter begaanbaar is, wil echter nog niet zeggen dat het hier vanzelf gaat. De hellingspercentages lopen hier en daar op tot ruim boven de 10% en dat is op het asfalt al geen feest, maar met twee bar lucht in de terreinbanden over grind is het helemaal zwoegen! De beloning dient zich even later aan in de vorm van een prachtig uitzicht:


Twijfels over de te volgen route bestaan hier nergens. Het pad is duidelijk, en de wegwijzers zijn overvloedig. Tot aan de Pas du Cade (punt G) rijden we over onze dualtrack en hebben naar links steeds een schitterend uitzicht over de Val du Toulourenc.

Direct na de Pas du Cade draaien we haaks rechtsaf het bos in en is het even pittig klimmen naar de Col du Comte (punt H). Een hoogteverschil van 87m wordt hier in nog geen kilometer tijd overbrugt en het venijn zit ‘m in de staart. De laatste 200m gaat het gewoon met 18% omhoog! Daarna is het even wat vlakker en vanuit de bocht bij Combe de Pré Long (punt I) hebben we weer een prachtig uitzicht:


Bij de bocht bij Combe du Mont Serein (punt J) moet toch de kaart er nog een keer aan te pas komen. Het pad lijkt hier rechtdoor te gaan, maar volgens kaart èn de GPS moeten we hier toch echt scherp (bijna 180°) linksaf door het bos omhoog.

Aangekomen op "punt K" halen we ons alle horrorverhalen van "hen die ons voorgingen" voor de geest en bedenken daarbij dat die verhalen opgetekend zijn door mensen die teruggekeerd zijn. Wie weet wat er met de rest gebeurd is, die hier heeft gepoogd de originele route te volgen en het mysterieuze punt L te vinden...

Wij besluiten daarom de wijze raad van Willem Janssen Steenberg op te volgen die wij bij onze reisbescheiden van het NGB aantroffen: wij gaan niet verdwalen in dit bos, maar vervolgen het pad naar Chalet du Sport en Mont Serein. Trouwens, ook de GPStrack stuurt ons hier rechtdoor...

Even verderop worden we beloond met het mooiste uitzicht van deze dag: tussen de bomen door zien we de top van de Mont Ventoux en het observatoir liggen. De rillingen lopen me hier echt even over de rug! Dit is precies zoals ik het me thuis voorgesteld had...


Bij Mont Serein komen we uit op de geasfalteerde weg. Door het (uitgestorven) dorp rijden we naar Chalet Liotard. Daar vullen we onze bidons met aldaar aangeschaft water en de banden met wat extra lucht. Wij hebben vandaag helaas niet de luxe van een begeleidingsteam met volgauto en zullen dus ook de laatste 6 kilometer over de weg op onze MTB moeten vervolgen.

Om 14:00u bereiken we de de top en is het tijd voor een snickers en een cola, maar we blijven niet te lang zitten. Hoewel het beneden in het dal windstil en uitgesproken warm was, waait hier op de top toch wel een stevige bries en warm is het allerminst. We trekken een jasje aan en gooien ons snel de afdaling in richting Bédoin.

Afdaling
Wim in de afdaling richting Bédoin 


Op 3km onder Chalet Reinard komen we Matthijn tegen: hij is inmiddels aan zijn tweede klim bezig en voelt zich naar eigen zeggen nog kiplekker. Hij is lekker bezig!


Beneden in Bédoin vinden we dat we nog een Grand Crême en een Tarte aux citron verdiend hebben, maar heel veel tijd hebben we ook hier niet, want we moeten nog een keer omhoog en op de MTB moet je daar toch gauw 3 uur voor uittrekken.

Om 15:30u vangen we dus onze tweede beklimming aan: de Route Joseph Eymard. We verlaten Bédoin over de D974; net voor de wasserette langs slaan we linksaf. Het begin van deze route is vergelijkbaar met wat we vanochtend meegemaakt hebben:  over asfalt bollen we vrij gemakkelijk het dorp uit, het daalt wat en het stijgt wat, maar nergens steil of zwaar.

We steken links langs het Maison Forestière des Cèdres (punt C) en draaien om de camping Domaine de Bélézy heen. Na de camping gaat het asfalt over in grind/stenen en vanaf hier is het ook vrijwel direct "luctor et emergo"!

Tussen Les Colombets (punt D) en Collet Rouge Haut (punt F) is het gemiddelde hellingspercentage ruim 7km lang rond de 9% en dat is maar een gemiddelde. Op sommige stukken loopt het hier toch echt op naar 15%! Dat kan ook bijna niet anders, want op de kaart loopt de route hier bijna constant haaks op de hoogtelijntjes.


Het wegdek is hier, zoals in andere verslagen ook al beschreven is, van een buitengewoon belabberde kwaliteit. De enige variatie die erin zit, is dat je soms over kleine keien omhoog ploetert en op andere momenten door losliggende grote rotsblokken. Maar in tegenstelling tot de eerste kilometers van de Route Thérèse Roumanille, kunnen we hier overal op de fiets blijven zitten. Of dat echt een voordeel is, waag ik echter te betwijfelen...

Vanaf  Collet Rouge Haut (punt F) naar Les Grands Pins (punt G) wordt het in theorie iets makkelijker: 5,3km gemiddeld 6.8%. In praktijk voel ik daar maar bar weinig van.  Ik zie Gert Jan bij me wegrijden en heb er de kracht niet meer voor om er iets tegen te doen. Gelukkig zit hij bij Les Grands Pins (punt H) op me te wachten.


Na Les Grands Pins is het ergste leed geleden. Over de Route des Chamois gaat het eerst nog een kleine 2km omhoog met 4% en daarna gaat het 5km lang geleidelijk naar beneden richting Plaine des Hermitants (punt I). En dat alles over iets wat ooit een asfaltweg geweest lijkt te zijn.

In vergelijking met de rot(s)zooi die we op het eerste deel van de Route Joseph Eymard voor onze kiezen hebben gekregen, is dit echt een verademing. Op het stuk bergaf halen we zelfs snelheden van tegen de 30km/u!

Om ervoor te zorgen dat onze stemming niet al te euforisch wordt, besluit de Mont Ventoux zich nog even van zijn grillige kant te laten zien. ik heb al eens eerder vast kunnen stellen: de Mont Ventoux geeft geen kadootjes en dat blijkt vandaag eens te meer: waar we bij Les Grands nog met korte mouwen in een waterig zonnetje zaten te genieten, staan we op de Plaine des Hermitants opeens te verkleumen in de regen.

We hebben per SMS met Matthijn afgesproken dat we elkaar bij Chalet Reinard treffen. Hij is aan zijn derde klim vanuit Sault bezig. Nadat we eerst onze regenjasjes hebben aangetrokken, dalen we dus een klein stukje af om Matthijn op te pikken. Bij het Chalet pompen we nog wat extra lucht in onze banden en gezamenlijk vangen we het laatste stuk van onze laatste klim naar de top aan.

De frisheid is er bij mij wel af en de regen, de kou en de wind doen de rest: ik ben officieel gesloopt en van fietsen is deze laatste 6km geen sprake meer: dit is HARKEN!! Matthijn en Gert Jan gaan iets makkelijker omhoog en zo kan ik na een klein uur worstelen met aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid stellen: om half acht ben ik vandaag de laatste die per fiets op de top van de Mont Ventoux arriveert.

De voorspellingen voor vandaag waren: regenkans 0%, 10,4 uren zon, onbewolkt en 30 graden, maar daar trekt de Mont Ventoux zich niets van aan. De weersomstandigheden op de top zijn ronduit BAGGER en dan druk ik het nog redelijk eufemistisch uit. Het waait hard, het regent en het is KOUD!  Door de regen is het ook eerder donker dan gisteravond rond deze tijd.

We blijven geen seconde langer dan strikt noodzakelijk op de top en dalen af richting Malaucène; heeeeeeel langzaam en voorzichtig. Vorig jaar deden we dat ook, maar toen hadden we Ruud in de bus die achter ons reed en ons bijlichtte met de koplampen. Deze keer gaat de afdaling echt helemaal in het duister.

Gert Jan en ik hebben nog mazzel met onze MTB: de zit is rechter op dus meer ontspannen, de remmen zitten "makkelijker" en natuurlijk hebben we met onze schijven meer remkracht. Matthijn daarentegen heeft het op zijn racer vreselijk slecht. Door het constante remmen gecombineerd met de ijzige kou schieten zijn handen in de kramp en halverwege moeten we echt even stoppen om hem een beetje bij te laten trekken. Maar niet te lang, want dan worden we te koud....

Als we Malaucène bereiken, is het inmiddels aardedonker geworden en opnieuw breekt het gebrek aan een volgauto ons op: we moeten vanaf hier nog 15km terug naar huis en in Frankrijk is geen meter vlak, dus moeten we ook nog 200 hoogtemeters overbruggen. Op de laatste 5 kilometer krijgt Matthijn ook nog eens een klein hongerklopje en dat maakt dat de thuisreis ontaardt in een ware martelgang. Uiteindelijk komen we om half tien ‘s avonds helemaal uitgepierd thuis aan.

Missie geslaagd!! We zijn met drie man op één dag in totaal 7 keer de Ventoux opgereden en daar zijn we trots op!

Eigen conditie:gesloopt, afgedraaid, uitgekakt en volledig leeggepierd
Weer:variërend van zonnig, 26°C en windstil tot regen, 7°C, mistral: N6
Resultaten:133,7km / 9:05:55u / 6772kCal
Meer foto's:picasa
Onze route:incl. onze navigatiefouten :) voor de "echte" GPStrack, ga naar www.kaleberg.nl

15 september 2010

Ventoux 2010: de Proloog

We hebben ons weer eens iets op de hals gehaald hoor! We zijn allebei al cinglé en Gert Jan is ook al Galerièn. Ik heb dat ook geprobeerd, maar dat is helaas niet gelukt… Nu gaan we iets heel anders doen: we gaan de Mont Ventoux op de MTB bestormen!

Geheel tegen de gewoonte in, zit ik daarom al voor het eind van de zomer regelmatig op de MTB; normaal gesproken wordt die pas tegen het eind van september uit het vet gehaald, maar goed…. nood breekt wet.
Op woensdag 15 september is het zover. Om drie uur ‘s nachts staan we op en om half vier vertrekken we gedrieën vanuit Driebergen. Bij vertek regent het gestaag en tot voorbij Dijon blijft het af en toe regenen en in ieder geval bewolkt en grijs. Tussen Dijon en Lyon klaart het op en loopt de temperatuur op van een Nederlandse 13°C tot ruim boven de 25°C. We rijden zo vanuit de herfst terug de zomer in!

De reis verloopt voorspoedig en rond een uur of 5 arriveren we op plaats van bestemming: Puyméras. De boodschappen hebben we dan ook al gedaan, dus we kunnen direct vertekken. We laden snel de auto uit, hijsen ons nog sneller in de koersbroek en vertrekken net voor 6 uur voor een “trainingsritje over licht geacidenteerd terrein”. We rijden vanuit Puyméras naar Mirabel-aux-Baronies, via Villedieu en Rouaix naar Vaison-la-Romaine. Daarna gaat het dwars door Mollans-sur-Ouvèze en over de Col du Propiac terug naar Puyméras.

Het is een prachtig stukje fietsen door het zuid Franse landschap en onder de ondergaande zon is het echt GENIETEN. Ook onze kale vriend ligt er prachtig bij en koestert zich in de laatste straaltjes van de ondergaande zon.


Net voor 8 uur zijn we weer thuis en dat is maar goed ook, want de zon is achter de heuvels weggezakt en het begint donker te worden.

Eigen conditie:helemaal geweldig, met dat zonnetje op mijn bol
Weer: zonnig, 26°C, wind: nauwelijks
Resultaten:54,5km / 2:02:12u / 1649kCal

Forestier du Mont Ventoux - the movie

4x Mont Ventoux per MTB in 3 dagen

In 3 dagen tijd hebben we op de MTB 4 keer de Mont Ventoux beklommen:
  • donderdag 16-9-2010: Forestier. Eerst vanuit Malaucène via de Route Thérèse Roumanille naar de top, afdalen naar Bédoin en vervolgens via de Route Joseph Eymard voor de tweede keer naar de top.
  • vrijdag 17-9-2010: Route van Lucien Valkenborgh. Vanaf Sault via Aurel en Le Ventouret naar de top. Het laatste stuk van deze route voert door het maanlandschap. Echt FANTASTISCH!!
  • zaterdag 18-9-2010: Route Jean des Baumes. Vanuit Bédoin door de wijngaarden en vervolgens over de route des cèdres naar Chalet Liotard.
Nu alleen even een collage en een link naar het webalbum met de foto's; uitgebreider verslag en filmpjes volgen later.

24 juli 2010

IJsselmeerronde (2)

Zoals gezegd, volgende keer graag weer met z’n tweeën… Ook Gert Jan wilde graag nog een keer de IJsselmeerronde fietsen en mij leek het ook wel “geinig”. We starten om 6uur; in tegenstelling tot 3 weken geleden, fietsen we ‘m nu echter andersom: over de Hollandse Brug de Flevopolder uit en via Muiderberg, Muiden, Overdiemen naar IJburg. Daar is het tijd om de jasjes uit te trekken. Onder de opkomende zon begint het langzaamaan warm te worden.

Na de Schelingwouderbrug slaan we rechtsaf en fietsen over de dijk langs het IJsselmeer naar Hoorn. Waar we vorig jaar en ook 3 weken geleden konden vertrouwen op de routepijlen van Le Champioin, moeten we nu zelf de weg door Hoorn zien te vinden. Wonder boven wonder lukt dat zonder te verdwalen en ook het stuk dwars door West Friesland verloopt alles volgens plan. In Oostwoud stoppen we nog even voor een foto bij “het oude huis”:

IMG_0480 
Hier heb ik de eerste anderhalf jaar van mijn leven gewoond.

Na 100km strijken we in Medemblik neer op een terras in de zon aan de haven. We hebben koffie met appelgebak verdiend!

het stuk vanaf Medemblik naar Makkum valt vies tegen: 60km boren door de wind met windkracht 5 TEGEN. En nergens beschutting: eerst 30km door de Wieringermeer en dan 30km afsluitdijk. Kop-over-kop is het devies. Als we aan het eind van de afsluitdijk rechtsaf Friesland indraaien, zijn we allebei behoorlijk leeggepierd.

IMG_0481a

Na 165km is het in Makkum lunchtijd: nogmaals “terras, zon en haven” om de uitsmijter met cola luister bij te zetten. De volgende 40km gaan bijna vanzelf: we hebben de wind grotendeels achter en het gaat lekker. Totdat ik vlak voor Hindelopen een hongerram krijg. Even stilstaan, een gelletje erin en twee stroopwafels erachteraan en daarna maar even een stukje rustig aan doen….

In het “centrum” van Warns staan we even stil om op de kaart te kijken. De “Champion-route” gaat hier naar links via Hemelum, maar wij besluiten rechtdoor te rijden totaan de IJsselmeerdijk. Een goede beslissing, blijkt snel, want het is hier echt prachtig. Wat een uitzicht!!

In Lemmer (205km) ploffen we weer neer op een terras voor “zon, haven & cola deel 3”. Vanaf hier gaat het tegenvallen. De wind is iets gedraaid en komt nu meer uit het westen. Totaan Urk is dat nog niet zo heel erg, want dan hebben we ‘m grotendeels van opzij, maar na Urk volgen we een zuidwestelijke koers en hebben we de wind schuin tegen. En dat valt met 250km in de benen niet mee!

Bij het uitrijden van de haven van Lelystad worden we nog even getrakteerd op twee kilometer stuiteren over de klinkertjes. Ook dat hakt er flink in zo aan het eind van de dag. Na Lelystad gaat het over de Oostvaardersdijk richting Almere; vlak voor Almere slaan we linksaf om over het Jan van den Boschpad nog een stukje door de Oostvaardersplassen te rijden.

Op de uitkijkheuvel doen we nog even alsof we naar de lepelaars staan te kijken, maar eigenlijk zijn we gewoon helemaal leeg… Het laatste stukje harken we nog door naar huis; met fietsen heeft dit nauwelijks nog iets te maken. Om acht uur zijn we thuis: moe maar voldaan…

Eigen conditie: prima
Weer: droog, zonnig, 21°C,wind:WZW3
Resultaten: 287,8km / 10:30:50u / 8159kCal

3 juli 2010

IJsselmeerronde (1)

Net als vorig jaar wordt op de eerste zaterdag van juli door Le Champion de IJsselmeerronde georganiseerd. En net als vorig jaar heb ik ook nu weer de startpapieren op laten sturen, zodat ik vanuit huis kan starten. Dat scheelt een ritje Purmerend v.v.

Gert Jan is op vakantie dus ik sta er dit keer alleen voor. Na een stevig ontbijt stap ik om 5:30u op de fiets. Ik start zo belachelijk vroeg, omdat ik beduct ben voor de hitte. het RIVM heeft deze week het Nationaal Hitteplan in werking gesteld en raad bovenmatige inspanning af. Ik zal dus maar rustig fietsen, denk ik :) Hoewel het nog vroeg is, is het bij de start al 20°C.

Nog voordat ik de Oostvaardersplassen achter me heb gelaten, valt de eerste regen al, maar dat is gelukkig maar van korte duur. Nadeel van zo vroeg starten vanuit Almere, is dat de eerste controlepost bij de Haven in Lelystad natuurlijk nog dicht is. Langs de IJsselmeerdijk worstel ik pal tegen de wind in verder richting Ketelbrug. De zon breekt nu goed door en Urk ligt er mooi bij in het vroege ochtendlicht.

IMG_0447

Dwars door de Noord Oostpolder loopt de route naar Lemmer. Ik heb er nu 80km opzitten en ik voel me nog prima, ondanks de vrij straffe wind die ik tot nu toe vrijwel alleen maar tegen heb gehad. Niet dat ik iets anders verwacht had, maar hier is de controlepost nog gesloten. Sterker nog, het hele dorp lijkt wel uitgestorven… Gelukkig heb ik zelf voldoende eten en drinken meegenomen. Na een reepje, een gelletje en wat energydrink stap ik weer op voor de volgende etappe.

Ook in Friesland is het zo plat als een pannekoek en de wind trekt alleen maar aan. De windrichting is Noord-Noordwest en dat is nou juist de kant die ik opmoet. Tegenwind dus… 50km lang tegenwind. Het havenhoofd van Hindelopen vind ik altijd zo fraai dat ik wel even moet stoppen voor een foto:

IMG_0449

Als ik na 130km aankom in Makkum, is ook daar de controlepost nog gesloten. Het begint een beetje een eentonig verhaal te worden zo...

Aan het begin van de afsluitdijk moet ik een kwartier wachten, omdat de sluizen wel open, maar pas na heel veel utteren weer dicht willen. Daarna is het 30km rechtuit en de wind lijkt wel een fractie gedraaid. Voor mijn gevoel heb ik hem in ieder geval niet pal van opzij (wat ik verwacht had), maar een soort van schuin achter. Hoe het ook zij, het gaat niet alleen erg lekker, maar ook gruwelijk hard!

Omdat de controlepost dicht was, heb ik daar naturlijk de vochtreserves niet kunnen aanvullen, dus halverwege de afsluitdijk fiets ik even langs het tankstation om daar nieuwe sprotdrank in te slaan. Aan de overkant draai ik de afsluitdijk af en direct de Wieringermeerpolder in. Een lange saaie kaarstrechte weg voert naar Medemblik.

IMG_0452

Na 185km strijk ik in het centrum van Medemblik op een terras neer en trakteer mezelf op een een broodje paling, een broodje haring en een grote bak kibbeling. Nog een colaatje om het weg te spoelen en ik voel me weer helemaal het heertje.

Van vorig jaar weet ik nog, dat de vierde controlepost in West Zwaagdijk een beetje van de route afligt: je moet dan een stuk van anderhalve kilometer “dubbel” fietsen en daar heb ik nu effe geen zin meer in. Ik steek gewoon rechtdoor naar Hoorn en daarvandaan over de dijk door tot aan Etersheim. Daar draait de route weg van het IJsselmeer de polder in naar Purmerend. Om kwart voor vier sta ik na 235km aan de finish. Nu hoef ik alleen nog maar 50km naar huis te fietsen…

IMG_0453

Het eerste stuk vanuit Purmerend gaat het prima: langs het Noord Hollands kanaal richting Amsterdam, maar als ik vlak voor Amsterdam ben, begint het weer te regenen. Iets harder zelfs dan vanochtend vroeg. Moe en chagerijnig van de regen lukt het me om ook nog te verdwalen in Amsterdam. Opeens sta ik aan het IJ en zie aan de overkant het centraal station liggen…

Gelukkig lukt het me daarna om zonder navigatiefouten Amsterdam achter me te laten. Via IJburg, Overdiemen, Muiden en Muiderberg draai ik over de Hollandse Brug de Flevopolder weer in. Juist op het laatste stukje krijg ik nog een plensbui over me heen, maar dat is nu niet zo heel erg meer. Ik ben bijna thuis.
Bij thuiskomst staat de teller op 287,2km. Het hitteplan was misschien een beetje overbodig voor deze dag. Op drie kleine buitjes na is het wel de hele dag prachtig fietsweer geweest: niet al te warm en overwegend droog. En van de wind heb ik alleen de eerste 140km maar last gehad…

Het is me (vooral mentaal) wel vreselijk tegen gevallen om zo’n afstand alleen te fietsen. Volgende keer graag weer met twee of meer….

Eigen conditie: prima
Weer: overwegend droog en 26°C,wind:NNW3
Resultaten: 287,2km / 10:21:19u / 7856kCal

13 juni 2010

Bourscheid - Maastricht

Uitfietsen….

Na de Jean Nelissen Classic van gisteren hebben we dringend behoefte aan een stukje uitfietsen. En we moeten vanuit Luxemburg toch ook weer terug naar Nederland, dus waarom het één niet met het ander gecombineerd?

De vriendelijke hotellier was er niet voor te porren om weer een volledig ontbijt te verzorgen in het holst van de nacht, dus na wat aandringen, hebben we hem bereid gevonden om een soort van lunchpakketjes voor ons klaar te maken": broodjes, wat fruit, een yoghurtje en als we beneden komen bij de receptie trakteert hij ons zelfs nog op een vers kopje koffie.

Uiteindelijk zitten we om 8 uur op de fiets. Het is droog, het zonnetje piept af en toe door de wolken en de benen voelen, naar omstandigheden, oké. Het eerste deel van de route loopt redelijk vlekkeloos. We klimmen wat, we dalen wat en we fietsen nergens vlak. In Putscheid rijden we een kleine kilometer mis, maar na even zoeken vinden we de juiste weg weer.

Daarna wordt het even lastiger. We willen eigenlijk via Hosingen richting Marbourg, maar we rijden onszelf “klem” op de N7. Dat is de hoofdweg en een soort kruising tussen een provinciale weg en een snelweg: 3baans en de auto’s razen er met 110km/u voorbij. Na wat dralen en zoeken besluiten we de DTC route van gisteren op te pikken en net als gisteren via Wahlhausen en Roderhausen naar Marbourg te rijden.
Dat betekent echter wel dat we ook nu weer aan het “eind” van de Sommet de Marnach weer het stukje 21% voor de wielen krijgen.

IMG_0420

Van Marbourg rijden tot aan Weiswampach evenwijdig aan de N7. Meestal gaat dat prima, maar soms ontkomen we er niet aan om enkele honderen meters over de N7 te fietsen. Niet prettig! Bij Weiswampach is het leed geleden. Daar draaien we rechtsaf, weg van de snelweg het bos in.

Het stukje route dat we hier volgen is werkelijk PRACHTIG! Dwars door een natuurgebied, overwegend over stille weggetjes rijden we richting Vielsalm. We zijn dan al ruimschoots in België en het is intussen tijd geworden voor de lunch.

Op een zonovergoten terras midden in Vielsalm vullen we de koolhydraatreserve aan met een fijn bordje pasta.

IMG_0423

Vanuit Vielsalm rijden we over de Côte de Wanne naar Trois Ponts. Vanwege “de knie van Gert Jan” willen we liever niets forceren; de Côte des Hezalles laten we dus even (letterlijk) links liggen. Niet dat het veel scheelt, want de Côte de Brume (2600m, max. 14% en gem. 8,3%) die we als alternatief rijden, liegt er ook bepaald niet om.

Ook hier rijden we weer door een prachtig natuurgebied. Als we “beneden” komen draaien we linksaf de N633 op. Deze weg loopt paralel aan een riviertje dat we stroomafwaarts volgen tot aan Remouchamps. Stroomafwaarts betekent overwegend dalen dus de gaskraan kan open: de 15km tussen Stoumont en Remouchamps raffelen we af met een gemiddelde van 31km/u.

We volgen vanaf hier de N66 via Banneux naar Pepinster en zakken vervolgens via de N61 af naar Verviers. Daar is het even zoeken geblazen in de grote stad. Als we op een kruising staan te overleggen, worden we door een vriendelijke man in de juiste richting gewezen: een klein stukje langs een drukke weg en dan linksaf, riviertje over en direct klimmen richting Andrimont, zegt hij.

Nou dat van dat klimmen klopt wel! 15% krijgen we hier voor de wielen en het trekt nog flink lang door ook. De knie van Gert Jan voelt blijkbaar weer stukken beter, want ik wordt er ouderwets genadeloos afgefietst. In de afdaling na Andrimont moeten we nog een kilometer of twee over het onverhard, maar ook daar schrikken we niet voor terug.

De verdere afdaling naar Clermont is werkelijk prachtig! Over kasseien stuiteren we onder de poorten door het oude stadscentrum van Clermont door. In Aubel volgen we de grote weg, die is al steil genoeg. Als alternatief hadden we nog de Klosenberg op kunnen zoeken, maar daar zien we vanwege de tijd vanaf. Het begint al laat te worden en we willen niet de laatste trein vanuit Maastricht missen.

Bij De Planck passeren we de Belgisch-Nederlandse grens en via Margraten fietsen we Maastricht in. Na 9 uur, 200km en 3000hm staan we op het station in Maastricht. Mission acomplished !!
Op het station is een AH-togo en dat komt goed uit. Het is 20:30 en we hebben HONGER! In de trein doen we ons tegoed aan brood, worst, sushi, chips en bier.

IMG_0424

En nee, dit was geen uitfietsen…

Eigen conditie: beter dan ik verwacht had na de JNC van gisteren
Weer: zonnig, 25°C,wind:NNO2
Resultaten: 198,3km / 8:56:28u / 5922kCal

12 juni 2010

Jean Nelissen Classic 2010

Met enige moeite is het ons gisteravond gelukt om de eigenaar van het hotel te overtuigen van de noodzaak van een vroeg ontbijt. Hij was niet erg enthousiast bij het idee om om 5 uur op te moeten staan, maar uiteindelijk staat ons ontbijt om 6 uur netjes klaar.

De regen komt met bakken uit de lucht. Het ziet er naar uit dat het een lange dag in het zadel gaat worden… Het oorspronkelijk plan was om de 220km te rijden, maar gegeven de afstand van het hotel tot aan de start lijkt dit op voorhand al wat ambitieus.

Na uitgebreid volstouwen van maag, rugtassen en zakken stappen we om 7 uur op de fiets voor de eerste etappe. De regen is opgehouden, maar het is nog wel fris. De aanloop hebben we gisteravond al verkend: vanaf Michelau flink klimmen; daarna de afdaling naar Brandenbourg.
Nu is de weg echter nat en spiegelglad. In de onderste haarspeldbocht lukt het me nog maar net om met slippend achterwiel de fiets op de weg te houden. Even rekening  mee houden en iets voorzichtiger afdalen, de rest van de dag…

Door het dal gaat het daarna richting Selz en vervolgens over Fouhren naar Vianden. Nog voor de officiële start hebben we er al 25km opzitten.

Bij de startlocatie vergeet Gert Jan zijn rugzak; gelukkig komen we daar vrij snel achter. Ik wacht op twee kilometer buiten Vianden totdat hij terug is met rugzak, Raphaël fietst vast door. Als Gert Jan weer aansluit, stomen we gezamelijk richting de eerste klim van de dag: de Tête de Bivels. Dit puistje is maar betrekkelijk kort, maar wel behoorlijk steil.

bivels

Bovengekomen gaat het vrijwel vlak langs het riviertje de Our naar Stolzembourg. Onderweg daarnaartoe heb ik diverse mensen horen zeggen dat de klim die daar begint, de ergste van de dag is. Ook ik weet me van vorig jaar nog levendig te herinneren dat de Rampe de Putscheid geen lolletje is.


putscheid                   putscheid_2a

Volgens het bordje van de organisatie is het maximaal hellingspercentage 14%, maar als je boven bent en even omkijkt, zie je toch echt 17% op een officieel waarschuwingsbord staan. En aan de manier waarop mijn benen lijken te ontploffen, komt de laatste inschatting dichter bij de waarheid!!

putscheid2
Vanaf Putscheid dalen we via Wahlhausen terug naar de oevers van Our en volgen die tot aan Roderhausen. Daar draaien we linksaf het bos in voor de Sommet de Marnach. Het eerste stuk loopt lekker. De klim slingert 4,5km lang prachtig door de bossen en loopt mooi gelijkmatig. Het venijn zit ‘m echter in de staart.
Aan het eind (ten minste, dat denk je als je daar voor het eerst rijdt), sla je rechtsaf en rij je een stuk evenwijdig aan de grote weg (N7). Eerst een stukje dalen, maar dan….Het is niet heel lang, maar de 21% die je hier voor de wielen krijgt, doet serieus PIJN.

Het landschap is hier prachtig met wijdse uitzichten over een golvend landschap. De Passage de Munshausen is met 1500 m en gem. 10% nog even slikken, maar de klimmen die we hierna voorgeschoteld krijgen, zijn allemaal goed te doen: Saut de Kim Kirchen (1500 m,  gem. 5%) en de Colline d'Alscheid (3600 m, gem. 4,5%).

Daarna is het tijd om een hapje te eten en de geslonken voorraad energy drank aan te vullen bij de eerste controle in Alscheid. Het weer is gelukkig wat opgeklaard; nog wel bewolkt, maar droog en met 20°C een prima fietsweertje. Op het Plateau de Nocher (4200 m, gem. 5%) is er weer een foto-momentje:

nocher6

Onderaan de volgende klim staat een bord dat een beetje onwerkelijk aandoet: Coteau de Ringel, 7600 m. Maar het is echt zo: we gaan hier echt bijna 8km klimmen! Weliswaar maar tegen 3%, maar toch…

In de afdaling komen we langs het hotel. Ik schiet even naar binnen om snel een droog shirt aan te trekken. Na het hotel rijden we een heel lang stuk langs het riviertje de Sûre. We rijden stroomafwaarts richting Diekirch, dus de weg gaat ook geleidelijk naar beneden. Heerlijk!!! De Defilé d'Erpeldange, net voor Diekirch is weer van een heel ander kaliber: kort en steil met 1200 m, max. 12% en gem. 7,5%.

Op de camping in Diekirch genieten we op het terras in de zon van een kom kippesoep en een colaatje. Gert Jan geeft aan dat hij al een paar kilometer flink last heeft van zijn knie en de plannen voor de rest van de dag worden bijgesteld: we houden het voor vandaag bij de 135km.

De nu volgende beklimmingen zijn niet te steil en lopen best lekker: Côte de Broderbour (2300 m, gem. 6,5%) en de Fôret de Beaufort (4300 m, gem. 4%). Het probleem zit ‘m hier dan ook niet in de hellingen. Wat veel erger is: het weer slaat plotseling om: in de afdaling van de Fôret de Beaufort begint het voorzichtig te spetteren, maar als we onderaan de afdaling zijn, gaat dat over in serieus plenzen. We trekken alle regenjasjes aan die we bij ons hebben en wachten even tot de ergste bui over is.

Als laatste resten ons nog de Pic de Hoesdorf (1600 m, gem. 6%) en Col de Marxberg (2500 m, gem. 4%). De regen is gelukkig opgehouden en we kunnen met name op die laatste klim nog even genieten van het prachtige Luxemburgse landschap.

Als toetje krijgen we de onvermijdelijke Muur van Vianden. Hier heb ik vorig jaar (vanwege ziekte, weliswaar, maar toch…) forfait moeten geven. Toen moest ik lopend naar boven. Ik heb me voorgenomen dat me dat dit jaar NIET gaat gebeuren! De cijfers liegen er in ieder geval niet om: max 23%.

muur

Zwoegend, zwetend, stampend, scheldend en hijgend worstel ik me naar boven. WAT IS DIT ZWAAR! Ik ben heus wel wat gewend; ik ben vaak genoeg tegen de Keutenberg en ook de Côte des Hezalles (in Trois Ponts) opgereden, maar dit slaat echt alles! Het lijkt wel of je hier de volle 1,5km 23% voor je kiezen krijgt.

Muur van Vianden

Het lukt me deze keer in ieder geval wel om fietsend boven te geraken en daar ben ik oprecht blij mee. Als we eindelijk boven komen, hebben we vlak voordat we op de doorgaande weg uitkomen even een fantastisch uitzicht op het kasteel van Vianden. Langs het Kasteel denderen we over de kasseien de stad in. Bij de finish trakteren we onszelf op een welverdiend broodje braadworst en een pot bier om ‘m weg te spoelen.

En nu komt het leukste nog: met 155 km en 16 beklimmingen in de benen moeten we nog “even terug naar het hotel fietsen. De klim vanuit Brandenbourg naar Closdelt viel gisteravand al vies tegen, maar nu is het helemaal ERG!

Moegestreden komen we na 175km, 3600 hoogtemeters en 8½ uur in het zadel bij het hotel aan. En hoewel het erg leuk was om zo te doen, wil ik volgend jaar toch graag proberen om een hotel dichter in de buurt te vinden en dan wel de volle afstand rijden.

Eigen conditie: prima
Weer: bewolkt, buiïg, 20°C,wind:NNO2
Resultaten: 176,5km / 8:25:24u / 6442kCal

11 juni 2010

Bourscheid – Vianden

Net als vorig jaar, hebben we ons ook nu weer ingeschreven voor de Jean Nelissen Classic. Helaas waren we dit keer wat aan de late kant met het boeken van een hotel. In Vianden is iets meer te krijgen, dus komen we terecht in Bourscheid, een dorpje op 22km afstand van Vianden.

Raphaël en ik zijn op tijd vertrokken en vrijdag om een uur of drie ‘s middags komen we aan bij het hotel. De bagage parkeren we snel op de kamer en de fietsen gaan we gelijk even een stukje uitlaten. We besluiten de route naar Vianden te gaan verkennen.

Het eerste stukje van de route loopt langs het beekje en dus vrijwel vlak. In het eerste dorpje (Michelau) draaien we echter linksaf en direct staan we tegen een “muur” aan te kijken van ±15%. En het leuke van Luxemburg is, dat het voorlopig niet ophoudt ook. De klimmen zijn hier niet alleen steil, maar ook heel lang.

Na ruim 3 km klimmen staan we hijgend als een postpaard bovenop de heuvelrug van het uitzicht te genieten. Het weer is schitterend en het landschap nog mooier!

IMG_0407

In de afdaling is het eerst even zoeken, dan terreincrossen over een stukje onverharde weg, maar daarna kunnen we ons als een baksteen laten vallen richting Brandenbourg. Ook dit gaat steil en trekt erg lang door. Een prachtig stukje afdaling door het bos en ook dit gaat tegen de 15%. Dat belooft nog wat voor de terugweg…

Vanaf  Brandenbourg tot aan Selz loopt de weg weer evenwijdig aan een beekje door een dal: licht naar beneden. Vanaf Selz is het even klimmen geblazen tot aan Fouhren en dan volgt nog de fantastische afdaling langs het kasteel van Vianden.

IMG_0412

Over de stook kasseien denderen we vervolgens de stad in. Onderweg heeft Gert Jan inmiddels laten weten dat ook hij in het hotel gearriveerd is. We spreken af op het terras voor een gezamelijk avondmaal.
Na het eten stapt Gert Jan weer geriefelijk in de auto. Raaf en ik mogen nog 22 km terug langs dezelfde weg. En inderdaad: de klim vanaf Brandenbourg naar Closdelt valt vies tegen.

Op het stukje onverharde weg rijd ik over een iets te grote steen. Hoorbaar sissend loopt binnen een paar seconden mijn voorband helemaal leeg. Gelukkig blijft de schade beperkt tot alleen maar een lekke band. Net voor het donker zijn we terug in het hotel.

7 juni 2010

1987 revisited

Vroegâh, toen ik nog 15 was, vroor het nog wel eens hier in Nederland. In 1986 ook. Toen werd voor de eerste keer in de Nederlandse schaatshistorie de Driedaagse van Ankeveen georganiseerd. En omdat Opa in Ankeveen woonde, gingen we daar natuurlijk kijken!

In 1987 vond de tweede editie plaats en de tweede dag daarvan viel op een maandag, toevallig op een dag dat ik vrij had van school. Pa werkte in Kortenhoef, dus de combinatie was vlot gemaakt. Op weg naar zijn werk zette Pa me af bij Opa en ik ging kijken bij de profs die op het natuurijs van Ankeveen hun rondjes maakten. Ik weet nu (bijna 25 jaar later) nog precies dat ik in de bocht bovenaan de ijsbaan een perfect zicht had op de langssnellende schaatsers.

Na afloop van de Driedaagse ben ik, op de schaats, over de buitenvaart, de Vecht en het Hilversums Kanaal naar de Kortenhoef geschaatst om vervolgens met Pa mee terug te rijden met de auto naar huis.

Het weekend daarvoor hadden we zo’n zelfde tocht gemaakt, maar toen waren we over de Vecht doorgeschaatst totaan de Mijndense sluis. Daar waren we de Loosdrechtse plassen opgegaan en via de Kortenhoefse plassen teruggestoken naar Ankeveen.

Bij chronisch gebrek aan ijs, zeker begin juni, pak ik vandaag de racefiets om vanuit Almere min of meer datzelfde rondje te rijden. Met een hoofd gevuld met herinneringen rij ik door het Kromslootpark en over de Hollandse Brug ik de polder uit. Vervolgens fiets ik dwars door de Naardermeer, bij Fort Uitermeer een klein stukje de Loodijk af en de Vechtbrug over. Dan gaat het langs de Vecht door Nichtevecht, Vreeland en Loenen totaan de Mijndense sluis. ‘t Is werkelijk prachtig sturen hier over het bochtige dijkje langs de Vecht. Alles is uitbundig groen en de omgeving is echt schitterend. Dit is optimaal genieten!

Vanaf de Mijndense sluis fiets ik over de dijk (met de wind pal achter en dus snoeihard) dwars door de Loosdrechtse plassen langs Oud- naar Nieuw Loosdrecht. Omdat ik deze keer niet persé terug hoef naar Kortenhoef of Ankeveen, wijk ik hier van mijnhistorische parcours af.

Over de hei en door de bossen rij ik over Hollandse Rading naar Lage Vuursche. Zo kom ik ook nog langs het huis van mijn overgrootvader en dat van mijn (andere) Opa . Via Baarn en Eemnes rij ik terug richting Flevo polder.

Op de Wakkeren dijk / Meentweg door Eemnes heb ik de wind schuin van opzij, een beetje achter. De snelheid loopt hier dus al lekker op, maar als ik de A27 over ben en de Stichtse Brug oprij, gaat het met de wind pal achter naar de 40km/uur, zelfs tegen de brug op omhoog!

Natuurlijk moet ik dat op het laatste stuk vanaf de brug terug naar Almere bekopen met een fors stuk wind tegen, maar dat mag de pret niet drukken. Ik heb echt genoten van mijn tripje langs “Memory Lane”!

Eigen conditie: geweldig
Track conditie: prachtig
Weer: droog en 22°C,wind:ZW4
Resultaten: 90,8km / 3:08:21u / 2715kCal

11 mei 2010

Bijna Galerièn…

We zijn al bijna een week in Frankrijk. Vorige week donderdag zijn we aangekomen en tot nu toe hebben we bijna alleen maar grauw en grijs weer gehad. Behalve gisteren, want toen was het helder, zonnig en ruim 20°C. Willem en Lisa hebben zelfs het grootste deel van de middag in het buitenzwembad kunnen zwemmen.

De hele week hebben we natuurlijk het weer en de verwachting scherp in de gaten zitten houden, maar er heeft nog niet een dag bijgezeten dat het bestendig genoeg leek om mijn Galerièn poging te gaan ondernemen. Sterker nog, de hele week heeft de top van de Ventoux, die we vanaf de camping kunnen zien, alleen maar in de mist gelegen. We zitten op 25km afstand en ik heb de hele week nog geen observatoir gezien.

IMG_0320

Omdat het einde van de vakantie in zicht begint te komen, moeten er nu onderhand echter wel knopen doorgehakt gaan worden, dus…. We schrijven vandaag dinsdag 11 mei 2010 en vandaag moet het gaan gebeuren!  Hier heb ik al maanden naartoegetraind, dus IK ben er helemaal klaar voor. Hoe het weer het zal gaan houden, zullen we onderweg wel zien.

Om 5 uur staan we met z’n allen op (ja, met z’n allen; wat mijn gezin allemaal over heeft voor mij !!) en met twee fietsen op het dak rijden we richting Malaucène. Lisa gaat met me mee de bar in om te filmen hoe ik mijn eerste stempeltje van de dag ga halen en om net voor half zeven stap ik op de racefiets voor de eerst beklimming.

De eerste klim loopt lekker, maar dat is ook eigenlijk waarom ik graag vanuit  Malaucène wilde starten. Deze klim ligt me beter dan vanuit Bédoin. Er staat wel heel veel wind. Vooral op de kale stukken heb ik er flink last van.

Regelmatig staan Zohra, Lisa en Willem me op te wachten om me aan te moedigen en te fotograferen / filmen. Het is nog erg rustig op de berg, dus ze kunnen met de auto vaak ook naast me blijven rijden. Een hele steun! Net voor Chalet Liotard ziet Zohra, die op dat moment een klein stukje voor me uitrijdt, twee edelherten de weg oversteken en een klein stukje verderop, als ik voorop rijdt nadat Zohra een foto heeft genomen, zien we ook nog twee gemsen de weg over schieten.

IMG_0325

Afgelopen zondag zijn we met de auto op verkenningstocht geweest en toen hadden we al geconstateerd: na Mont Serein is de weg afgesloten, maar navraag bij de fietsenmaker in Malaucène leert, dat weg voor fietsers wel open is en ook sneeuwvrij. een hele opluchting, want lopen door de sneeuw is geen pretje, dat weet ik nog wel van twee jaar geleden.

Zohra draait met de auto om en rijdt onderlangs via de Col de la Madeleine naar Bédoin. Ik rij om de slagboom heen de mist in. Het maanlandschap is normaal gesproken al een desolate beleving, maar nu is vanwege de mist het zicht beperkt tot ongeveer 5 meter en de stilte ligt als een koude deken over me heen.

De weg is wel sneeuwvrij, maar er ligt nog wel heel veel rotzooi. Niet alleen grote stenen die door de sneeuw de weg opgevoerd zijn, maar ook heel fijn split / kiezel dat hier in Frankrijk wordt gebruikt om de wegen mee te strooien. En die kiezel wordt me fataal: anderhalve kilometer onder de top rijdt ik mijn achterband lek.

IMG_0329

In het maanlandschap heeft de wind vrij spel en er staat nogal wat wind! De temperatuur is ook gezakt tot rond het vriespunt dus het is echt ijzig koud. Zo goed en zo kwaad als het gaat zoek ik wat beschutting tegen de bergwand, maar het kost me toch zeker tien minuten prutsen om mijn achterband te vervangen. Ik ben tot op het bot verkleumd en in de laatste anderhalve kilometer totaan de top lukt het me ook niet meer om mezelf nog warm te fietsen.

Op de top is het uitgestorven. Het winkeltje is dicht en er is echt helemaal NIEMAND. Met volledig verkleumde handen lukt het me om er één twitterbericht uit te persen en snel een foto te maken en dan gooi ik me de afdaling in.

IMG_0330

De afdaling naar Bédoin is verschrikkelijk. De eerste paar honderd meter, tot voorbij de eerste bocht, moet ik lopen, want de wind raast met kracht 9 over de top en op de fiets durf ik die bocht niet te nemen. Na de bocht stap ik op, maar harder dan 25km/u durf ik niet te rijden, want ik moet schuin tegen de wind aanleunen om niet van mijn fiets geblazen te worden en het zicht is nog steeds minder dan 10 meter. “Dit is echt gekkenwerk”, denk ik bij mezelf, “na deze afdaling moet ik verstandig zijn en mijn fiets op het dak van de auto zetten en terug rijden naar de tent…”

Voorbij Chalet Reinard begint de mist langzaamaan minder dik te worden en het laatste stuk vanaf St. Estève voelt de wind ook niet meer zo ijzig koud. Beneden in Bédoin schijn het zonnetje en is het bijna windstil bij 18°C. Bij de auto trek ik alle natte (regen)kleding uit en een schoon en droog pak aan. De mist rond de top lijkt ook wel minder dik te worden. Weet je wat, ik ga gewoon nog één keer naar boven en dan kijken we daarna wel hoe het weer zich verder ontwikkelt…

Ook op de klim door het bos voel ik me prima. Wel duurt het tot ver na St. Estève voordat ik me weer een beetje warm gefietst heb. Het is aan deze kant van de berg erg druk. Waar ik me over verbaas, is dat de meeste fietsers zo licht gekleed zijn en verder ook niets bij zich lijken te hebben. Ik heb natuurlijk de luxe van een volgwagen, maar dat heeft toch niet iedereen? En de meeste mensen die ik hier naar boven zie rijden hebben “korte armen en korte benen” en hooguit een windbreker-vestje bij zich. Ze weten echt NIET wat voor heksenketel ze daar boven te wachten staat!

Bij Chalet Reinard is stop ik even om van Zohra extra kleding aan te nemen. Het zit vanaf hier namelijk weer potdicht van de mist en zij blijft met de kinderen hier wachten. Ik fiets alleen “even” heen en weer naar de top. De omstandigheden zijn vergelijkbaar met de vorige klim: keiharde wind en zicht van ongeveer 10 meter. Ik rij van de ene zwart-geel-gestreepte-paal naar de volgende; verder kan ik niet voor me uitkijken. Als ik ongeveer bij het monument van Tom Simpson ben, begint het er ook nog zachtjes bij te regenen.

Op de top is het winkeltje nu gelukkig wel open en kan ik daar mijn stempeltje halen. Als ik het winkeltje weer uitkom, begint het iets harder te regenen, maar ik zal toch naar beneden moeten. Wederom te voet de eerste bocht om en leunend tegen de wind met een slakkegangetje de berg af.

Nog voordat ik weer terug ben bij het monument van Tom Simpson, barst er een onweersbui los zoals ik nog nooit in mijn hele leven heb meegemaakt: de bliksem en de donder komen op hetzelfde moment, de regen komt met bakken uit de lucht en dat gaat even later over in hagel. Er staat hierboven nog steeds windkracht 9, dus de hagel striemt me horizontaal in mijn gezicht.

Ik ben niet snel bang, en zeker niet van het weer, maar dit wordt zelfs mij een beetje te gortig. Ik zoek naarstig naar een plek om te schuilen, maar die is hier nergens te vinden. Ja, vlakbij de Fontaine de la Grave, maar dan hoeft het al niet meer. Ik rij dat laatste stukje nog wel even door.

Bij Chalet Reinard staat Zohra met de kinderen in de auto op me te wachten. Ik tik op het raam en vraag of ze even mee naar binnen komt. Helemaal doorweekt en door-en-door verkleumd strompel ik het Chalet binnen. Ik pas er nog maar net bij, zo druk is het er: allemaal doorweekte, blauwe fietsers. De angst voor het onweer zit me nog in mijn benen en ik twijfel weer of het wel zo verstandig is om dit door te zetten.

De ergste bui wachten we binnen af en als de lucht een beetje opklaart, spring ik weer op de fiets. Ik maak in ieder geval mijn tweede afdaling naar Bédoin af en daar zien we wel weer verder. Beneden in Bédoin schijn het zonnetje en is het bijna windstil bij 18°C. Bij de auto trek ik alle natte (regen)kleding uit en een schoon en droog pak aan. De mist rond de top lijkt dit keer niet veel minder dik, maar dat was de vorige keer ook maar schijn. Weet je wat, ik ga gewoon nog één keer naar boven en dan kijken we daarna wel hoe het weer zich verder ontwikkelt…

IMG_4771

Alweer duurt het tot na St. Estève voordat ik me weer een beetje warm gefietst heb. Aan het begin van de Route des Cèdres staat Zohra op me te wachten en verwissel ik mijn racefiets voor de MTB. Op de klim vanuit Bédoin was het al beduidend rustiger dan eerder op de dag, maar op de Route Forestière is het echt helemaal uitgestorven. Ik merk ook aan mezelf dat alle inspanning van deze dag zijn tol begint te eisen: ik begin te praten tegen de rupsen die her en der in lange colonnes het pad oversteken.

Aan het pad door het bos lijkt geen einde te komen. Elke keer denk ik een bepaald punt herkennen van de vorige keer waaraan ik meen te mogen ontlenen dat het na deze bocht wat vlakker wordt, maar elke keer stijgt het pad verder en verder de mist in.

IMG_0332

Na een eindeloze martegang kom ik uiteindelijk bij de Tournant de l'Anglais (iets boven Mont Serein) het bos uit. Ik probeer Zohra te bellen en te SMS-en dat ik veilig het bos uit ben en over de weg verder ga, maar ik krijg geen contact.

Op de top is het nog steeds koud en mistig en de wind blaast onverminderd voort. Het winkeltje is weer dicht en de top ligt er weer verlaten bij. Voor de derde keer hetzelfde ritueel in de afdaling: lopend de eerste bocht door en daarna met een slakkegangetje naar beneden richting Chalet Reinard. Het dalen op de MTB bevalt me wel een stuk beter dan op de racefiets! Op de MTB zit ik rechter op en kan ik met mijn verkleumde vingers de remmen makkelijker bedienen: een veel ontspannender houding.

Mijn pogingen om te bellen en SMS-en hebben meer kwaad dan goed gedaan, blijkt nu, want Zohra kon mij daarna niet bereiken, dacht dat er iets mis was en is met de auto naar de top gereden. Toen ik daar niet was, door de potdichte mist weer terug naar beneden naar Chalet Reinard; een hachelijke onderneming in dit weer, zeker met twee kids op achterbank... Uiteindelijk is ze er een paar minuten voor mij.

Als ik aankom, staat Zohra te praten met de familie Willemse. Hans Willemse is Cannibale nr. 6 en wilde deze week Galerièn gaan rijden, maar heeft daarvan afgezien vanwege het weer. Heel verstandig! De familie Willemse is ook gekomen om Aart Keijer te ondersteunen die later deze week als eerst ter wereld Cinglé op de tandem zal rijden, samen met zijn vriendin Angèle.

De afdaling naar Sault gaat in een flow! Lekker lopende bochten en überveel grip met de dikke noppenbanden van mijn MTB: heerlijk! Beneden aangekomen is het voor de zoveelste keer deze dag “decision time”. Even de afwegingen op een rij:

Het is inmiddels half zeven ‘s avonds. Als ik nu nog terug naar boven ga, ben ik rond 9 uur boven en moet ik in de laatste afdaling niet alleen de kou, de wind, de mist en wellicht de regen en hagel trotseren, maar dan is het ook nog eens pikdonker. Ook de schrik voor het plotselinge noodweer tijdens mijn tweede afdaling zit er nog een beetje in. Fysiek en mentaal zit de vierde klim er ZEKER in, maar de onzekerheid over de weeromstandigheden nopen mij forfait te geven. Ik ben namelijk eerst vader en echtgenoot, dan pas fietser.

De veiligheid van mijn gezin is nu belangrijker. Ik besluit dat het mooi is geweest voor vandaag.
In de auto op de terugweg, vlak voordat we bij de camping zijn, kijken we nog één keer om naar de Ventoux. En wat schets onze verbazing: daar zien we het observatoir. Voor de eerst keer deze week zien we het observatoir. Het ligt in het zonnetje en als je goed kijkt, zie je dat de Ventoux ligt te lachen….

IMG_4776

Nog een paar spreuken / wijsheden die vandaag maar al te waar zijn gebleken:

Quand le Ventoux porte son chapeau, il pleuvra bientôt - Als de Ventoux zijn hoed draagt, zal het weldra regenen

N'est pas fou qui monte au Ventoux, mais est bien fou qui y retourne - Je bent niet gek als je de Ventoux beklimt, maar gestoord als je het nog eens doet

Le Ventoux ne donne pas des cadeaux – De Ventoux geeft geen kadootjes

Eigen conditie: uitstekend
Weer: variërend van droog, 18°C, windstil tot hagel/slagregen/onweer, 4°C, wind:ZW9
Resultaten: 137,6km / 9:24:48u / 7175kCal

5 mei 2010

Wetmatigheden…

Nadat ik in mei 2008 Cinglé du Mont Ventoux gereden had, schijn ik iets gemompeld te hebben in de trant van "Dit doe ik nooit meer”. Mijn selectief geheugen verbied mij om me daar nog iets van te herinneren, maar ik blijk het in een vlaag van verstandsverbijstering zelfs opgeschreven te hebben.

Nog datzelfde jaar kroop het bloed waar het niet gaan kon; mede op instigatie van Monsieur Pic die in zijn homolagation-briefje suggereerde “ l’ année prochain Galerièn?” vrij vertaald: volgend jaar Galerièn?
Waarom zou ik een jaar wachten? In hetzelfde jaar kan ook toch? Dat klinkt wel stoer! Toch?

Alleen een beetje jammer dat mijn lijf weigerde mee te werken. Mijn trainingsprogramma klopte welliswaar tot in de puntjes, maar barre weersomstandigheden doen me de das om: tijdens de Reuzen van de Ardennen loop ik door kou en regen een blessure op aan mijn rechter knie op en die raak ik niet meer kwijt. Ik probeer in San Francisco nog wel aan mijn trainingskilometers te komen, maar ook dat mag niet baten; het werkt eerder averechts en ik moet de hele Ventoux-trip dat jaar afblazen.

Een jaar later:zomer 2009. Ik rij eerst de IJselmeerronde om kilometers in de benen te krijgen en dan de Heuveltocht, vanuit Weesp om wat hoogtemeters te maken. daarna heb ik nog een vrij vol programma op de planning staan, want ik wil in september toch echt een poging wagen om Galerièn te rijden. Maar de praktijk blijkt ook nu iets weerbarstiger.

Tijdens de Ronde van Midden Nederland hapert mijn versnellingsapparaat regelmatig en dat resulteert in min of meer dezelfde blessure aan dezelfde knie. In plaats van mijn trainingsprogramma te volgen, pak ik de resterende weken tot begin september zoveel mogelijk rust, maar het mag helaas niet baten.

De eerste dag in Frankrijk rij ik nog wel met Gert Jan samen de Route des Cèdres (de mountainbike-klim) bij wijze van verkenning, maar de volgende dag moet ik mijn Galerièn-poging halverwege staken vanwege onoverkomelijke KRAMP.

Langzaamaan begin ik me af te vragen hoe te me in vredesnaam gelukt is om in mei 2008 dan wel Cinglé te rijden… Dat lukte “gewoon” in een keer. Waarom moet het met die Galerièn dan allemaal zo moeilijk zijn? Ik snap er werkelijk waar geen barst van…

Nog een half jaar later: we schrijven inmiddels najaar/winter 2009/2010. Die Kale Berg blijft lokken! Vraag me niet waarom, maar het MOET er gewoon een keer van komen. In september 2009 had ik het al gezegd: “I'll be back”, dus ik stel een nieuw trainingsschema op en zet nog één keer alles op alles om Galerièn te rijden.

Ik heb een nieuwe MTB gekocht om de winter mee door te komen en dat is maar goed ook, want het is nogal een winter. De sneeuw valt meters dik uit de hemel, maar ik fiets gewoon door. Twee keer (1, 2) kom ik hard ten val, maar ik beschadig gelukkig niets vitaals en kan dus gewoon doortrainen.
Begin maart mag ik met Fiets voor de lezerstest (m.i. 4-daags trainingskamp / hoogtestage) mee naar Toscane (1, 2, 3, 4). Daarna volgen de Joop Zoetemelk Classic, de Ronde van Vlaanderen en de Amstel Gold Race. De weekenden ertussen vul ik op met trainingsritjes over de Utrechtse Heuvelrug richting Venlo en over de Aardmansberg.

Tijdens de Ronde van Vlaanderen krijg ik, waarschijnlijk als gevolg van de kou/regen/hagel/natte sneeuw, last van mijn linker achillespees. Ik doe eerst alsof er niets aan de hand is en fiets ermee door tot na de Amstel Gold Race, maar dan dringt het besef langzaam tot me door: als ik hier niets aan doe, kan ik ook deze Galerièn-poging op mijn buik schrijven. Gelukkig weet de fysiotherapeut daar wel raad mee en na het consequent uitvoeren van de oefeningen die hij me heeft meegegeven, lijkt het acute gevaar nu geweken.

Dit is inmiddels de derde keer dat ik Monsieur Pic een briefje heb geshreven dat ik graag Galerièn wil gaan rijden. De eerste keer ben ik niet eens in de buurt van de Ventoux geweest, de tweede keer ben ik twee keer naar boven gereden. 0 - 2 - 4 .... Volgens de mathematische wetmatigheden waar dit universum aan onderhevig is, lijkt het mij nu dus veilig om te concluderen:

DEZE KEER GAAT HET LUKKEN !!!!